Naam project: “Patmos” Kinderdorp
Plaats: Op het eiland van Idjwi in het Kivu meer
Aantal kinderen: 134
Overige projecten: Goma (38 kinderen)


Project ICC Congo Goma
Als gevolg van de massamoorden in Rwanda kreeg Congo (destijds Zaïre
geheten) in 1994 de toestroom te verwerken van meer dan een miljoen Hutu-vluchtelingen die in grote kampen in de oostelijke provincies Noord- en Zuid-Kivu werden gehuisvest. Omdat hun aanwezigheid een bedreiging vormde voor het nieuwe Rwandese bewind, trokken Rwandese troepen in 1996 het land binnen. Dit vormde tevens het startsein voor een omwenteling in Congo die leidde de verdrijving van dictator Mobutu. In 1998 viel Rwanda, samen met Oeganda, opnieuw Congo binnen, met als gevolg dat het Noorden en Oosten van het land onder controle van rebellen kwamen. Vredesbesprekingen leidden in 2003 tot de installatie van een overgangsregering, die eind 2006 moet worden opgevolgd door een regering op basis van algemene verkiezingen. Men schat dat, in de periode 1998-2005, zeker 4 miljoen mensen zijn overleden aan de gevolgen van de oorlog, vooral door ondervoeding en ontbreken van gezondheidszorg; nog steeds sterven dagelijks in Oost-Congo talloze mensen door de onveiligheid en gebrek aan elementaire zorg. Met name kinderen die achterblijven zijn erg kwetsbaar.
PROLASA (een organisatie opgericht om medische klinieken op te bouwen en te beheren) wordt dagelijks geconfronteerd met de conditie van het land. In het oosten van het land in Goma worden kinderen voor medische behandeling naar hen toegebracht. Omdat zij geen ouders of thuis hebben, is PROLASA gestart met het opnemen van kinderen en het geven van lichamelijke verzorging. Veel van deze kinderen zijn door ondervoeding op het randje van de dood. De organisatie doet haar best om zoveel mogelijk kinderen te verzorgen, maar vrij snel is gebleken dat het verzorgen van deze kinderen boven hun mogelijkheden uitsteekt. De kinderen werden tijdens de oorlog ondergebracht in plaatselijke pleeggezinnen, maar deze families konden niet langer voor de kinderen zorgen, aangezien zij door de oorlog zelf nog nauwelijks te eten hadden.
Uiteindelijk heeft PROLASA eind 2001, contact gezocht met ICC, Dr. Barry Wecker uit Canada, om te zien of er een mogelijkheid was om hulp te bieden. De kinderen tussen 10 en 12 jaar waren inmiddels overgebracht naar het Rode Kruis. Nu hebben ze nog ongeveer 200 kinderen onder de 10 jaar. We hebben hun verzoek aangenomen en vervolgens het project bestudeerd.
De situatie werd enkele weken nadat zij contact met ons hadden opgenomen verergerd. Op 17 januari 2002 barstte de vulkaan Mt. Nyiragongo uit, waardoor duizenden mensen werden gedwongen uit Goma te vluchten. De stromende lava verwoestte een groot deel van de stad en brak de landings-/startbaan van het internationale vliegveld doormidden.
In mei 2002 bracht een ICC team een bezoek aan Afrika en stopte in Kigali, Rwanda, om een delegatie uit Goma te ontmoeten om geïnformeerd te worden over de situatie. Op dat moment was het, politiek gezien, nog erg riskant om Congo binnen te gaan. Het ICC team besloot dat er direct bekeken moest worden welke noden er waren, zodat zij een bepaald bedrag aan fondsen beschikbaar kon stellen voor hulp. De situatie was zo schrijnend dat 40 kinderen door ondervoeding zouden overlijden als er niet binnen 3 maanden iets gedaan werd. Binnen vier maanden zou deze situatie zich herhalen voor 40 andere kinderen. Het begin van de samenwerking tussen ICC en PROLASA was hiermee vastgesteld.
Sinds die eerste ontmoeting heeft ICC twee reizen gemaakt naar de projectgebieden in Kongo. Op het moment dat we in maart 2003 arriveerden, zorgden we voor ongeveer 200 kinderen op drie locaties, Masisi, Goma en Idjwi. Aangezien het eiland Idjwi in het midden van het Kivumeer ligt heeft ICC besloten om daar een kinderdorp te gaan bouwen.
Het dorp doneerde het benodigde land. Er werden tijdelijke gebouwen neergezet om de kinderen op het eiland te huisvesten. Daarnaast werden twee klaslokalen, een kliniek en een gastenvoorziening gerealiseerd. Ondanks dat de omstandigheden sterk verbeterd waren, was er nog steeds veel te doen. De kinderen sliepen met z’n vieren in één bed en hadden elk één stel kleding om te dragen. Ze werden in ieder geval voorzien van voedsel en medische behoeften.
Paul Edgren, landontwikkelaar en bestuurslid van ICC, en zijn vrouw Janet vergezelden, vorig jaar september, een ICC team om een ontwerp voor het kinderdorp te maken. Tegen die tijd hadden we een extra stuk land gekocht, en was er geld beschikbaar om het eerste huis te bouwen. Paul maakte het ontwerp voor het kinderdorp en bepaalde de eerste vier terreinen voor de huizen.
De beschikbare gelden werden gebruikt voor de bouw van twee huizen, zodat de kinderen onderdak hadden. Totdat er meer huizen zijn gebouwd, worden hier 21 kinderen opgevangen. Alle kinderen in de schoolleeftijd wonen op het eiland en gaan naar school. De kleinere kinderen en degenen die meer medische aandacht nodig hebben wonen in Goma.

We hebben als doel om 10 huizen te bouwen voor de kinderen op Idjwi. Naast deze huizen worden ook een ontmoetingsplaats en een school voor de kinderen en woningen voor de leiding gebouwd.
Een hydro-elektrisch project is voltooid om het kinderdorp en een paar naburige huizen te voorzien van elektra. Dit is de eerste elektriciteit op het eiland. Het geld wat bijeengebracht is, is bestemd voor een watersysteem vanaf de bronnen verder in de bergen. Er is tevens geld opgehaald voor een molen om cassave te malen voor het project en de dorpsbevolking.
Het plan is om een landbouwprogramma te beginnen dat de kinderen van voedsel zal voorzien en een beetje inkomen zal geven van de extra’s die verkocht kunnen worden. In december 2003 is er een transport met medische apparatuur, voorraden en ook voeding en kleding van Canada in Goma aangekomen. De aanschaf van een auto voor Goma kan gebruikt worden voor het halen en brengen van de kinderen en het vervoeren van voorraden.